De verkeerde man Cast

Bernard Van Hove

Bernard Van Hove is 56 jaar en werkt al meer dan dertig jaar als leraar aardrijkskunde. Hij is een man die zijn leven graag ordelijk houdt. Elke ochtend volgt hij bijna hetzelfde ritueel: brood kopen, rustig door de stad wandelen, boodschappen doen en onderweg beleefd knikken naar bekende gezichten. Bernard draagt vaak een grijze jas, stevige schoenen en heeft een verzorgde snor die hem iets ouderwets maar sympathieks geeft.

Collega’s beschrijven hem als zachtaardig, betrouwbaar en soms wat verstrooid. Hij is het soort man dat zich zorgen maakt over een gewonde straatmuzikant, een verdwaalde eend of de verkeersveiligheid op het Marktplein. Kwaad ziet hij niet snel in anderen, waardoor hij de vreemde gebeurtenissen rond hem vooral als ongelukkige toevalligheden beschouwt.

In het verhaal is Bernard het onwetende middelpunt van een reeks mislukte moordpogingen. Zijn grootste kracht is juist dat hij nergens achterdocht in zoekt. Zonder het te beseffen verandert hij zelfs het leven van Gustaaf en Norbert, simpelweg door hen vriendelijk advies te geven over rust, regelmaat en soep.

Gustaaf / broeder Augustinus

Gustaaf is 44 jaar en begint het verhaal als een huurmoordenaar die duidelijk nooit voor het vak geboren is. Hij heeft een slungelig postuur, een veel te lange regenjas, een te kleine hoed en een gezicht dat permanent lijkt te twijfelen tussen zelfvertrouwen en paniek. Hij wil graag overkomen als de slimme leider van het duo, maar zijn plannen zijn meestal rampzalig.

Gustaaf is koppig, impulsief en bijzonder slecht in inschatten wat verstandig is. Hij bedenkt graag “geniale” plannen, zoals bloempotten laten vallen, verdovingspijltjes gebruiken of remkabels doorknippen, maar vergeet telkens de meest logische details. Toch is hij niet puur kwaadaardig. Onder zijn klungelige stoerdoenerij zit vooral iemand die nergens echt thuishoort.

Na een week vol vernederingen, verwondingen en mislukkingen belandt Gustaaf uiteindelijk in een benedictijnenabdij, waar hij de naam broeder Augustinus aanneemt. In het klooster vindt hij rust, eenvoud en een leven waarin zijn onhandigheid minder gevaarlijk is voor de buitenwereld. Al blijft hij, zelfs in pij, gevoelig voor harken op precies de verkeerde plek.

Norbert / broeder Norbertus

Norbert is 41 jaar en vormt samen met Gustaaf een crimineel duo dat vooral zichzelf schade toebrengt. Hij is kleiner en nerveuzer dan zijn kompaan, met een verwarde blik en een manier van doen alsof elke gedachte eerst door mist moet reizen. Zijn regenjas is te lang, zijn hoed te klein, en zijn zelfvertrouwen hangt grotendeels af van wat Gustaaf op dat moment beweert.

Norbert is goedgelovig, gevoelig en vaak net iets eerlijker dan handig is. Hij stelt vragen die soms dom lijken, maar eigenlijk de absurditeit van hun plannen blootleggen. Wanneer hij als straatmuzikant moet optreden, raakt hij bijna ontroerd door Bernards beleefde compliment, wat laat zien dat hij geen harde misdadiger is. Hij is eerder een verdwaalde man die per ongeluk in het verkeerde beroep terechtkwam.

Uiteindelijk is Norbert de eerste die hardop durft te zeggen dat hun mislukkingen misschien een teken zijn. In de abdij wordt hij broeder Norbertus, een naam waar weinig aan veranderd hoefde te worden. Daar lijkt hij eindelijk de rust te vinden die bij hem past: eenvoudig werk, stilte, soep en zo weinig mogelijk accordeons.

De Baas

De Baas is een man die vooral op afstand aanwezig is. Hij wordt niet rechtstreeks gezien, maar zijn invloed hangt over het begin van het verhaal. Hij is vermoedelijk eind vijftig en beweegt zich in een schimmig crimineel milieu waar opdrachten vaag worden gegeven en fouten blijkbaar door anderen moeten worden opgelost.

Hij lijkt autoritair, kortaf en weinig geduldig. De omschrijving die hij van het doelwit geeft — een man met een grijze jas en een litteken — is zo gebrekkig dat Gustaaf en Norbert de verkeerde persoon volgen. Of dat door zijn slordigheid komt of door hun onkunde, blijft onduidelijk. Waarschijnlijk is het allebei.

In werkelijkheid is De Baas minder belangrijk als persoon dan als aanleiding. Hij zet het verhaal in gang, maar verdwijnt daarna naar de achtergrond. Zijn opdracht maakt van Bernard een doelwit, al heeft Bernard daar zelf geen enkel besef van. De Baas staat voor het soort dreiging dat in een serieus verhaal gevaarlijk zou zijn, maar hier volledig wordt ondermijnd door de onbekwaamheid van zijn uitvoerders.

De oude dame

De oude dame is 73 jaar en woont vermoedelijk al haar hele leven in de buurt van de Korte Klinkerstraat. Ze is een gepensioneerde winkelierster die de stad goed kent en weinig nog werkelijk verrassend vindt. Ze draagt meestal een nette jas, houdt haar handtas stevig vast en kijkt naar de wereld met de droge blik van iemand die al te veel menselijke dwaasheid heeft gezien.

Ze is nuchter, scherp en zuinig met woorden. Wanneer er boven Bernard op een balkon een merkwaardige chaos losbarst, reageert ze niet met paniek, maar met een kalme opmerking over “de jeugd van tegenwoordig”. Daarmee zegt ze eigenlijk alles: voor haar is elke absurditeit gewoon een nieuwe vorm van hetzelfde oude gedoe.

Haar rol in het verhaal is klein maar belangrijk voor de toon. Ze bevestigt Bernards rustige kijk op de wereld en maakt de scène nog komischer doordat zij de gevaarlijke situatie net zo alledaags behandelt als hij. Ze is een typisch stadsfiguur: aanwezig, oplettend en totaal niet onder de indruk.

De postbode

De postbode is 38 jaar en staat in de wijk bekend als een man die zijn ronde altijd afmaakt, weer of geen weer. Hij heeft een stevig lichaam, sterke benen en opvallende kuiten die verraden hoeveel kilometers hij dagelijks aflegt. Hij is praktisch gekleed, beweegt snel en straalt de energie uit van iemand die geen tijd heeft voor onzin.

Hij is hardwerkend, direct en temperamentvol. Wanneer zijn fiets door Gustaaf en Norbert wordt gesaboteerd, eindigt hij dwars door een kraam met meloenen. In plaats van zielig te blijven liggen, springt hij overeind en richt zijn woede meteen op de vermoedelijke daders. Dat zegt veel over hem: hij is taai, fel en niet iemand die zich zomaar laat omverrijden door pech.

In het verhaal is hij een onbedoeld slachtoffer van de derde mislukte aanslag. Zijn aanwezigheid vergroot de chaos en zorgt ervoor dat Gustaaf en Norbert opnieuw niet Bernard, maar vooral zichzelf in de problemen brengen. De postbode vertegenwoordigt de gewone burger die plots wordt meegesleurd in hun idiote plannen.

De politieagent

De politieagent is 49 jaar en werkt al lang genoeg in de stad om te weten dat misdaad soms minder gevaarlijk dan belachelijk is. Hij is breed gebouwd, draagt zijn uniform met vanzelfsprekend gezag en heeft een blik die meteen duidelijk maakt dat hij niet onder de indruk is van smoesjes.

Hij is plichtsbewust, nuchter en streng wanneer dat nodig is. Wanneer Gustaaf en Norbert hun touwval in een steegje opzetten en uiteindelijk zelf voor de meeste schade zorgen, is hij degene die de situatie beëindigt. Hij behandelt hen niet als meestercriminelen, maar als mannen die dringend een ernstig gesprek nodig hebben over openbare dwaasheid.

Zijn rol is die van realistische tegenkracht. Waar Gustaaf en Norbert zichzelf misschien nog zien als gevaarlijke beroepsmannen, ziet de agent vooral twee onhandige kerels die de stad verstoren. Door zijn tussenkomst wordt duidelijk hoe ver hun zelfbeeld afstaat van de werkelijkheid.

De zwaan

De zwaan leeft in de vijver van het park en gedraagt zich alsof hij daar officieel burgemeester, bewaker en rechter tegelijk is. Hij is groot, wit, indrukwekkend en bezit de kalme dreiging van een dier dat precies weet hoeveel angst hij kan veroorzaken door alleen maar zijn vleugels te spreiden.

Zijn karakter is eenvoudig maar krachtig: territoriaal, trots en absoluut niet vergevingsgezind. Wanneer Gustaaf en Norbert in de vijver belanden, ziet de zwaan hen niet als slachtoffers van een mislukt plan, maar als indringers. Zijn reactie is direct en meedogenloos. Hij jaagt hen langs de oever alsof hij persoonlijk verantwoordelijk is voor de ordehandhaving in het park.

In het verhaal is de zwaan een komische natuurkracht. Hij hoeft geen ingewikkelde motivatie te hebben; zijn aanwezigheid alleen al maakt de vernedering van Gustaaf en Norbert compleet. Hij toont dat zelfs de dierenwereld weinig geduld heeft met hun stuntelige misdaadcarrière.